Homeopathie part 1: de tegens “Homeopathie helpt wel, maar werkt niet”

Een van de bekendste en meest controversiële vertakkingen van de alternatieve geneeskunde is waarschijnlijk wel de homeopathie. Voor dit onderwerp wil ik dan ook de tijd nemen en verdeel ik het daarom onder in twee blogposts: de voors en tegens. Vandaag het eerste deel: de tegenpartij! Als vertegenwoordiger van de tegenpartij komt Anthonius (Ton) de Boer aan het woord. Hij biedt met passie weerstand tegen de homeopathie en was tot voor kort hoofd van het departement farmaceutische wetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Om te beginnen even een korte uitleg van wat homeopathie precies is. De Duitse arts en chemicus Samuel Hahnemann wordt gezien als grondlegger, met de ideeën die hij in 1796 neerpende. Het belangrijkste daarvan is het Similia-principe (of: gelijksoortigheidsbeginsel), wat neerkomt op de uitspraak “similia similibus curentur” (“het gelijke wordt door het gelijkende genezen”). Dit houdt in dat in de homeopathie bepaalde stoffen worden gebruikt als geneesmiddel, die bij gezonde mensen juist een vergif zouden zijn. Het idee erachter is dat de stoffen die exact jouw ziekteverschijnselen zouden opwekken bij gezonde mensen, bij jou juist het medicijn zijn. Dit doet een beetje denken aan het principe van een vaccinatie, waarbij je een klein beetje ziekteverwekkers injecteert zodat het lichaam antistoffen aan gaat maken tegen deze ziekteverwekkers en zo sterker wordt. Hier moet wel bij gezegd worden dat die ziekteverwekkers en antistoffen biologisch gezien anders werken dan de stoffen waar homeopathische middelen uit voort komen.

Ton de Boer 1

Samuel Hahnemann

De homeopathica komen voort uit stoffen van plantaardige, minerale of dierlijke oorsprong en zijn zo behandeld dat ze homeopathisch geneesmiddel genoemd mogen worden. De voorwaarden hieraan zijn dat de middelen (op een bepaalde manier) verdund en geschud zijn, wat ook wel het ‘potentiëren’ wordt genoemd. We hebben het hier dan over extreme verdunningen, waar ook veel kritiek op wordt geleverd. De James Randi Educational Foundation heeft bijvoorbeeld al een aantal jaar lang het bedrag van 1 miljoen dollar staan als prijs voor degene die een hoog gepotentieërd homeopathisch middel weet te onderscheiden van water.

Daarnaast worden stoffen vaak zo ver verdund dat er statistisch gezien geen kans meer is dat er ook maar één molecuul aanwezig is van de oorspronkelijke stof. Vanaf een verdunning van ongeveer 12C (24D) wordt namelijk ‘de grens van Avogadro’ bereikt, wat wil zeggen dat er statistisch gezien hooguit één molecuul van de oorspronkelijke stof in de oplossing zit. Elke verdere D-verdunning vermindert de kans dat er een molecuul aanwezig is met 90% en elke C-verdunning zelfs met 99%. Aangezien de favoriete verdunning van Hahnemann 30C was, zijn veel homeopathica tot dat niveau verdund. De kans dat er in die middelen nog een molecuul aanwezig is, is nog maar 10−26. Homeopaten beweren echter dat het oplosmiddel bij het potentiëren de eigenschappen van de oorspronkelijke stof overneemt en juist sterker kan gaan werken, waarbij moleculen helemaal niet noodzakelijk zijn.

Ton de Boer 4

Oud, homeopathisch middel Rhus toxicodendron, met haar oorsprong in de plant gifsumak

Op acupunctuur na zijn er binnen het veld van de alternatieve geneeswijzen de meeste wetenschappelijke onderzoeken uitgevoerd op de homeopathie. Toch zijn, volgens Ton de Boer, niet al die onderzoeken representatief. “Zelfs als er al studies zijn die goed zijn uitgevoerd en ook een positief resultaat laten zien, want die zijn er ook, verwerp ik die. Dat zit ‘m in twee dingen: eigenlijk ben je vaak twee placebo’s met elkaar aan het vergelijken, om het zo maar even te zeggen, omdat homeopathie vaak ook een soort placebo is. En de hele statistiek daarachter en of iets is aangetoond, gaat natuurlijk om kansberekening”, legt hij uit. “Waarschijnlijk heb je wel eens gehoord van ‘statistisch significant’ en dat we een foutenmarge van 5% accepteren en dat als je 100 keer een studie doet waarbij je écht twee placebo’s met elkaar vergelijkt (en waar dus eigenlijk niets uit zou moeten komen) je bij 5% een statistisch significant verschil zult vinden. En dat hoort zo, dat komt gewoon door toeval. Maar dat wil niet zeggen dat iets is aangetoond. Dus als je een homeopathisch middel tegenover een placebo zet en er komt een 5% statistisch significant verschil uit, zegt dat nog niets”, aldus Ton.

“Het andere is het Bayesiaanse denken. Waar dat om gaat is dat je een vooraf-kans hebt dat iets waar kan zijn. Nou, bij de homeopathie slaat de gedachte erachter, waarom het zou werken, helemaal nergens op. Er zou dan een afdruk van de stoffen achter blijven in het water. Nou, als je natuurwetenschappelijk bent opgeleid weet je dat dat dermate onwaarschijnlijk is dat de kans dat dat zou werken, ik noem maar iets, één op de miljoen zou zijn. Dat is dus uitermate klein. Dan ga je een studie doen en er statistiek op toepassen, en stel dat je dan een statistisch significant verschil vindt waarbij we zouden zeggen dat iets aan is getoond, dan ga je bij het Bayesiaanse denken die kans van één op de miljoen een klein beetje aanpassen omdat de nieuwe test het iets waarschijnlijker heeft gemaakt. Dan blijft er hierbij alsnog een kans over die uitermate klein is, dus geloven we het nog steeds niet”, vertelt hij.

Ton de Boer 3

Oud, homeopathisch middel Hepar Sulph

Onderzoeken moeten eigenlijk ook meerdere keren laten zien dat iets werkt en moeten dus ook meerdere keren uitgevoerd worden, wat vrij duur is. Bij verschillende indicaties en in verschillende situaties moeten die dingen aangetoond worden en bij voorkeur met een mechanisme dat we snappen. Naast de studies die wél goed zijn uitgevoerd stikt het ook van de studies die dat niet zijn; die te weinig mensen hebben gebruikt bij het onderzoek en bijvoorbeeld niet goed geblindeerd zijn.

Na al die statistische argumenten komt nu natuurlijk wel de vraag naar boven waarom zo veel mensen dan alsnog in de homeopathie geloven. Volgens Ton ligt dit onder andere aan het natuurlijke beloop van een aandoening en hoe daarop wordt ingespeeld: “Mensen die naar alternatieve genezerikken gaan zijn meestal mensen met chronische klachten die gestart zijn in het reguliere circuit, bij de huisarts of specialist, en vinden dat dat onvoldoende helpt. Of het zijn mensen die zijn uitbehandeld en waarbij het reguliere circuit niets meer voor ze kan doen. Wanneer mensen dan naar een alternatieve genezerik gaan is dat meestal op het hoogtepunt van die klacht, wat logisch is. En wanneer iemand op het hoogtepunt van een chronische klacht naar je toe komt, weet je dat het gemiddeld gezien na een paar weken weer beter gaat. Dat noemen we het natuurlijk beloop.”

Ton de Boer 2

Modernere homeopathica

Verder is het placebo-effect veelal van toepassing binnen de homeopathie, volgens Ton. “Alternatieve genezerikken kijken vaak niet alleen naar de klacht, maar naar de totale patiënt. Ze hebben vaak erg veel aandacht voor de patiënt en dat, in combinatie met iets voorschrijven, kan tot een placebo-effect leiden. Puur door die sterke suggestie gaan mensen zich dan beter voelen. Dat werkt natuurlijk ook in het voordeel van zo’n alternatieve genezer”, vertelt hij. Waar het volgens hem om draait is dan ook dat een werkzaam middel méér doet dan een placebo. “Dit verklaart dus waarom patiënten en zelfs artsen, die goed opgeleid zijn, het idee hebben dat het middel werkzaam is. En wanneer een patiënt zegt dat het beter met hem gaat en dat een behandeling geholpen heeft moet je dat ook nooit ontkennen, maar wel zeggen dat het niet aan het middel lag. Homeopathie helpt wel, maar werkt niet”, besluit hij.

Dat placebo-effect kan geen kwaad, maar de overtuiging van een genezer moet wel binnen de perken blijven. Bij gezondheidsclaims die ronduit absurd zijn en daarmee de patiënt van noodzakelijke zorg af houden gaat het te ver. Dan kan het ook heel erg mis gaan: kijk maar naar de patiënten van Klaus Ross. Verder is het ook niet waar dat homeopathische middelen risicovrij zijn. Ze mogen dan wel geen aangetoonde werking hebben, maar ze kunnen wel bijwerkingen hebben en kunnen ook interactie geven met andere geneesmiddelen (als je een homeopathisch middel treft waar wel moleculen in zitten). “Het is onzin, het is kwakzalverij, het is misleiding van mensen, er wordt veel geld aan verdiend en het moet worden bestreden”, concludeert Ton. redpillbluepill transparant mini

Advertenties

2 gedachtes over “Homeopathie part 1: de tegens “Homeopathie helpt wel, maar werkt niet”

  1. Pingback: Het placebo-effect in de wetenschap | Red Pill / Blue Pill

  2. Pingback: Homeopathie part 2: de voors “De gewone geneeskunde heeft niet altijd de ultieme oplossing” | Red Pill / Blue Pill

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s