Het placebo-effect in de wetenschap

De positieve werking van alternatieve geneeswijzen wordt door sceptici vaak toegewezen aan het placebo-effect. Maar wat is het placebo-effect eigenlijk en waar staat het binnen de wetenschap?

Simpel gezegd ontstaat het placebo-effect door een verwachting. Die verwachting kan door een aantal factoren versterkt of afgezwakt worden, maar er valt eigenlijk nooit aan te ontkomen. Ieder menselijk contact brengt verwachtingen en reacties met zich mee, waar in dat opzicht ook allerlei placebo-effecten uit voort kunnen komen. Ook buiten de medische wereld is er dus sprake van placebo’s, hoewel het daar een andere naam kan dragen. In de economie spreken ze bijvoorbeeld van het Hawthorne-effect.

Vanaf het moment dat Henry Beecher in 1955 het artikel ‘The Powerful Placebo’ publiceerde, is het placebo-effect praktisch gezien als aanwezig en bewezen beschouwd. In dat artikel gaf Beecher een overzicht van 15 verschillende geneesmiddelenonderzoeken waarbij een placebogroep aan de orde was, en omschreef dat er bij gemiddeld 35% van de gevallen een positief en bevredigend resultaat volgde uit de placebobehandeling. Echter, in hoeverre het placebo-effect reikt en in hoeverre er rekening mee moet worden gehouden bij onderzoeken, is nog niet helemaal duidelijk.

Het placebo-effect kan optreden wanneer een patiënt wordt behandeld met een middel dat geen medicinale werkzaamheid heeft, maar hij daar zelf niet vanaf weet. Door de suggestie en de verwachting van het middel kan iemand zich dan beter gaan voelen. Dit effect is te versterken wanneer de behandelaar positief overkomt, (erg) veel aandacht voor de patiënt heeft en overtuigd is van de behandeling en het middel. Ook is er uit onderzoek naar voren gekomen dat mensen een sterker placebo-effect hebben bij duurdere en nieuwere middelen, omdat het suggereert dat ze beter zijn. Zelfs de kleur en vorm van de pilletjes maakt uit, daar oranje, gele en rode pillen als opwekkend werden ervaren en blauwe, groene en paarse pillen als kalmerend. Drama zou ten slotte ook erg helpen: nep-operaties en injecties geven een sterker effect dan een tabletje of drankje.

Hoewel een placebo dus ‘tussen je oren zit’, kan je lichaam daar wel degelijk op reageren en zijn klachten, of verbeteringen, daarom niet minder echt. Je geest is een sterk ding, en of het nou bewust of onbewust is: tot op zekere hoogte kun jij de processen in je lichaam sturen. Wanneer je je rot voelt maar je jezelf toch forceert om te lachen, gaat je lichaam meer dopaminen aanmaken waardoor je je ook daadwerkelijk beter gaat voelen. Wanneer vrouwen zich mentaal ontzettend bezig houden met een zwangerschap, kan het lichaam exact de verschijnselen van een zwangerschap gaan vertonen, op de baby na. Zelfs mensen die ervan overtuigd zijn dat ze een bepaalde ziekte hebben kunnen, fysiek, de verschijnselen van die ziekte gaan vertonen. Een negatieve verwachting (óók een placebo!) bestaat en ‘werkt’ dus ook.

placebo

In Nederland is een arts verplicht je te vertellen wat er in je medicijnen zit, als je daar naar vraagt. Hij of zij kán je dus een placebo voorschrijven, maar als je er naar vraagt zal de arts dat moeten toegeven. Het wordt tegenwoordig als onethisch gezien om, zonder goed onderbouwde reden, je patiënten placebo’s voor te schrijven. Dat is vermoedelijk wel eens anders geweest, toen er in de jaren ’50 en ‘60 standaard bij 30% van de patiënten een placebo werd voorgeschreven.

In de farmaceutische wereld heeft een middel pas een medicinale werking wanneer er rekening is gehouden met het placebo-effect en het middel het placebo-effect overstijgt. Daarnaast moet er rekening worden gehouden het natuurlijk verloop van een ziekte en (het statistische) regressie naar het gemiddelde. Het is niet heel simpel om überhaupt onderzoek te doen naar placebo’s, omdat iedereen die er vanaf weet invloed kan hebben op de uitkomst. Bij zo’n onderzoek kan er het best dubbel geblindeerd worden, wat inhoudt dat de arts die het middel voorschrijft, de arts die de werking beoordeelt en de patiënt alle drie niet weten welke behandeling nou placebo was en welke niet. Bij een enkelvoudig geblindeerd onderzoek weet de arts wel welke patiënt de placebo krijgt. Deze laatste arts kan dus, onbedoeld, minder overtuig(en)d overkomen op de patiënt en zo het onderzoek beïnvloeden.

Het is overigens ook erg lastig om bij zo’n geblindeerd en willekeurig onderzoek de placebo goed genoeg overeen te laten komen met het echte middel. Het uiterlijk maar ook de smaak van de medicijnen moet bijvoorbeeld overeen komen en soms zijn er bijwerkingen van het echte middel die moeilijk te missen zijn.

Relatief gezien is er nog vrij weinig onderzoek gedaan naar het placebo-effect en in hoeverre het effect daadwerkelijk kan ‘genezen’. Iets waar verder nog geen rekening mee wordt gehouden is dat er, tijdens het uitvoeren van een onderzoek, ook een placebo-effect kan optreden bij de onderzoekers zelf. Dit wordt vaak ontkent, maar er valt wel iets voor te zeggen. De negatieve sfeer die er hangt rond het begrip ‘placebo’ (nep, niet serieus genomen, gelogen) dringt natuurlijk ook door bij de onderzoekers. Ze zien hun eigen wetenschap of werkveld liever niet als een gebied waar ook placebo’s in werking zijn. redpillbluepill transparant mini

Advertenties

Een gedachte over “Het placebo-effect in de wetenschap

  1. Pingback: Homeopathie part 2: de voors “De gewone geneeskunde heeft niet altijd de ultieme oplossing” | Red Pill / Blue Pill

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s